Parkeren is niet te duur. De kwaliteit deugt niet.

Blog_2013_Spark

Door Ernst Bos (Spark)

Stel je de Amsterdamse grachten voor zonder geparkeerde auto’s. Waardoor toeristen vanuit een rondvaartboot vrij zicht hebben op de historische bebouwing. Waardoor bewoners van de binnenstad een behoorlijke plek hebben voor hun fiets. Waardoor voetgangers langs de grachten kunnen slenteren in plaats van over aan hekken geketende fietsen te struikelen. Kinderen meer speelruimte hebben. En waardoor ladend en lossend verkeer eenvoudig omzeild kan worden.

Vraag willekeurig iemand naar wat die van parkeren vindt en het antwoord gaat altijd over de prijs. ‘Te duur’ is de algemene opinie. Dat bleek maar weer eens als je de reacties leest op Het laatste woord van 4 augustus in het Parool. De kosten zouden eerlijker verdeeld moeten worden. Geld is dus de norm.

Kijkend om je heen zien we automobilisten vele euro’s in parkeerautomaten gooien bij een bezoekje aan de stad. Het lijkt wel of Amsterdam zich nagenoeg elk parkeertarief kan permitteren. De stad is wat betreft parkeren een van de allerduurste ter wereld. Blijkbaar is de stad aantrekkelijk genoeg. De grachten staan immers nog altijd bijna vol en dus schaadt het hoge tarief Amsterdam niet, zo lijkt het. Maar het kan zoveel beter. Want wat de gemiddelde automobilist krijgt voor zijn parkeergeld en wat het de stad als geheel oplevert is vrij bedroevend. Veel rondrijdende auto’s op zoek naar een parkeerplaats. Op allerlei plekken onvoldoende plaats voor fietsen, omdat auto’s voorrang lijken te hebben als het om parkeerruimte gaat. Bewoners die het moeten dulden om elke dag weer een gevecht met hun buurtgenoten te leveren om dezelfde parkeerplek. Dan is het niet zo vreemd dat parkeren duur wordt gevonden. De prijs-kwaliteitverhouding klopt van geen kant. In bijvoorbeeld een hotel zal ook menigeen klagen als hij een vijfsterren prijs moet betalen voor tweesterren service.

Overigens hebben niet alleen steden een moeizame relatie met auto’s. Ook bedrijven en organisaties hebben dat. Je vraagt je af: waarom spenderen zij zoveel geld aan de inrichting van hun winkel of kantoor? Kosten nog moeite worden gespaard. Bij de entree wordt je soms zelfs welkom geheten door een portier of vriendelijke receptioniste. Totdat je met de auto komt. Dan ligt de entree naast de expeditie-ingang en ruimte voor vuilcontainers en kan je door de achteringang naar binnen. Of moet je je via een krakende intercom naar binnen schreeuwen, je weg vinden naar een plaats in een woud van bordjes die verwijzen naar een bedrijf waar je niet voor komt. Wat is dat toch? Is het misschien omdat we denken dat parkeren alleen over verkeer gaat? En verkeer is van anderen. Niet van het bedrijf maar van de overheid. Daar klagen we dan over als het niet goed is geregeld in plaats van eerst het eigen huis op orde te brengen. Onze verantwoordelijkheid begint achter de voordeur, zo lijkt menig bedrijf te denken.

Zoals gezegd; parkeren kan zoveel beter, maar dan moet iedereen, elk organisatie, elk bedrijf en elke overheid haar bezoekers, medewerkers en bewoners serieus nemen en begrijpen welke behoefte die hebben om de auto, scooter, fiets of wie weet ooit segway te stallen. Niet verzanden in discussies over normen voor aantallen parkeerplaatsen en de kwaliteit onbesproken laten. Maar teruggaan naar de waarden die we als samenleving nastrevenswaardig vinden. Onze idealen van een leefbare stad benoemen en daarbinnen de kwaliteit van stallingsplaatsen voor auto’s en fietsen bepalen.

Nadenken over hoe en waar auto’s kunnen parkeren en fietsen kunnen worden gestald zonder dat dit anderen tot last is of de openbare ruimte aantast is de vraag die iedereen zich moet stellen. En de prijs die dat mag kosten is slechts een onderdeel. Het gaat zoals zo vaak om de prijs-kwaliteitverhouding. Dat eerste deel, de prijs, geeft het ongemakkelijke gevoel. Tarieven zijn er nu om schaarste te beprijzen en daarmee beschikbaarheid voor bewoners te waarborgen. Als we bezoekers toch laten betalen zou je met dat geld ook kunnen investeren in echt goede plekken. Goede voorbeelden zijn er in de wereld. Plaatsen in binnen- en buitenland waar men heeft gekozen voor een kwaliteitsimpuls. Waar grote delen van een aantrekkelijke, leefbare en grotendeels autovrije binnenstad samengaan met uitstekende parkeervoorzieningen. Zie Lyon in Frankrijk als willekeurig voorbeeld. Steden waar weliswaar betaald moet worden voor parkeren, maar waar het vinden van een plaats met kwaliteit goed mogelijk is. Plaatsen waar velen het er over eens zijn dat de prijs en de kwaliteit in evenwicht zijn.

Er is wat dat betreft in Amsterdam nog een wereld te winnen.